de Moslimkrant

Gemengde vriendschappen belangrijk voor maatschappelijke succes en integratie

Een kind op een ‘gemengde’ school plaatsen, is niet genoeg om vriendschappen tussen kinderen van allerlei afkomsten tot bloei te laten komen.

Of zo’n vriendschap ontstaat, hangt heel erg af van de ouders, constateert sociologe Sanne Smith. Zij deed onderzoek onder 18.000 kinderen rond de veertien jaar in 900 klassen in Nederland.

Van de autochtone kinderen heeft 30 procent een allochtoon vriendje of vriendinnetje in de klas. “Er bestaat dus wel degelijk een groot aantal vriendschappen tussen deze kinderen.

Niet alle kinderen hebben klasgenootjes van andere etnische afkomsten. Je kind naar een gemengde school sturen is geen garantie dat zo’n vriendschap ontstaat, maar het is wel een noodzakelijke voorwaarde.”

Smith had verwacht dat kinderen op school hun eigen weg in vriendschappen zouden vinden. Toch blijken de ouders van groot belang. “Sommige etnische groepen, zoals Turken, zijn erg gericht op het bewaren van de eigen cultuur en tradities. Kinderen spiegelen zich daaraan.”

Wat de sociologe verraste, is dat het niet de culturele verschillen zijn die vriendschappen in de weg staan. “In de klas blijken opvattingen over homoseksualiteit of abortus helemaal niet zo ver uit elkaar te liggen. Die ideeën zijn erg afhankelijk van opleidingsniveau van de ouders of sociaal-economische omstandigheden.”

Vriendschapsnetwerken op scholen zijn volgens Smith zo belangrijk voor allochtonen omdat die bijdragen aan hun maatschappelijke succes en integratie.

Wat scholen precies moeten doen om die integratie te bevorderen, blijft een lastig probleem. “In de ene klas mengen etnische groepen helemaal niet, terwijl andere klassen ‘kleurenblind’ zijn. Aldus de sociologe in Trouw.

© de Moslimkrant.nl, alle rechten voorbehouden.