de Moslimkrant

Reizen door ‘ons’ Marokko

Foto: de Moslimkrant

We rijden richting het zuiden van Marokko. Voorbij de stad Berrechid opent zich het landschap en worden we omringd door weidsheid. Hoe zuidelijker we rijden hoe eindelozer de verten terwijl heel langzaam de besneeuwde bergtoppen van de Atlas het glooiende landschap aan de horizon een eindmarkering geven.

Het groene landschap maakt het af. Een diepe groene kleur die de dankbaarheid van de aarde toont voor het water dat op haar is gevallen. In al dit groen: velden van gele en oranje bloemen, een soort margrieten. De roodbruine dorpen en gehuchten uit steen en leem steken af bij deze felle kleuren. In andere jaargetijden gaan deze dorpen op in de omgeving omdat het groen door de droogte is verdwenen en bruin en rood de aarde kleuren.

Marokko is op zijn mooist in de maanden maart, april en mei. Binnen een dag verkleurt de wereld. De metamorfose vindt plaats als de regen stopt. Zelfs het braakliggende terreintje aan de overkant van onze straat is een groen veld met daarin de bruine sporen van gebaande paden.

Ik ervaar onze reis vanuit Rabat naar het zuiden als Marokko’s zichtbare transformatie. De kuststrook waar steeds meer mensen heen trekken op zoek naar een beter leven, versus het achterland waar de ontwikkelingen langzamer gaan, waar soms de tijd in dorpen nog stil lijkt te staan, ondanks de moderne wereld die hardnekkig op de deur klopt.

Zoals bij de mobiele telefoon aan het oor van de man op de bak van de ezelskar, Pepsi en Coca-cola reclames, schotelantennes en onze jongens die klagen over de slechte WIFI. Niet de zaken die bepalen of het goed is, maar wel tekenen van deze tijd die gedomineerd wordt door mobiliteit, bereikbaarheid en marketing.

Marokko is een mooi, divers, contrastrijk, verwarrend, irriterend, gastvrij en fascinerend land. Het kruipt onder je huid en kan je doen verstillen in de weidsheid en schoonheid van het land. Het verrast je zoals achter de meest krakkemikkige deur in een medina een juweel van een riad tevoorschijn kan komen.

De hartelijkheid van de mensen versus de hardheid van het bestaan dat je bij de keel grijpt in de zichtbare armoede op straat of de puissante rijkdom die er in Maserati’s naast staat. De soms voor een buitenstaander onbegrijpelijke omgangsvormen die je compleet kunnen verwarren om je vervolgens bij momenten te laten glunderen omdat je voor even het gevoel hebt dat je het begrijpt en dus meedoet.

Een land waar je weg kunt dromen op rotsen met uitzicht over de wereld, kunt zitten op stranden zonder dat een mens je ziet of op woestijnduinen de zon ziet ondergaan en kunt verdwalen in de meest verheven gedachten. Waar je altijd scherp moet blijven voor het onverwachte zoals in het verkeer. Waar je denkt dat je de zaken goed hebt geregeld als er toch nog talloze addertjes onder het gras blijken te liggen. Waar je soms ongemerkt moe begint te worden van alles wat steeds net niet lukt of afgemaakt wordt om vervolgens compleet verrast te worden door het tegendeel.

Het land waar eten als je niet uitkijkt de rode draad van je dagen kan zijn. Een land wat alles in zich heeft om te stralen, maar het ook zo maar in elkaar kan laten donderen. Dat Marokko, is een beetje ons Marokko geworden.

Thijs Kolster woont met zijn gezin in Marokko en schrijft sinds 2015 een wekelijks blog onder de titel ‘Verhalen uit Marokko’. Vanaf april 2016 is hij vaste columnist voor de Moslimkrant. Thijs kijkt met zowel de blik van een buitenstaander en als ingezetene naar Marokko. Dat maakt zijn blik interessant. Op die manier laat hij ons op een luchtige manier kennis maken met Marokko.

© de Moslimkrant.nl, alle rechten voorbehouden.