de Moslimkrant

Respecteer de rechten van Iran

Dr. Alireza Jahangiri

Sinds de revolutie van 1979 wordt de Islamitische Republiek Iran geconfronteerd met vijandigheid in alle soorten: van politieke druk en economische sancties, een achtjarige oorlog, de moord op 17000 onschuldige burgers en diverse gezaghebbenden, een staatsgreep, ondersteuning voor oppositiegroeperingen, couppogingen, etnische provocaties tot mediaoorlogen.

Daarbij wordt Iran onder druk gezet een vreedzaam kernenergie-programma stop te zetten, maar die noodzakelijk is voor de levering van energie, medische behandelingen en toepassingen in de industrie, terwijl er geen bewijs is noch bevestigd is door de International Atomic Energy Agency en de Verenigde Naties dat het programma voor militaire doeleinden wordt gebruikt.

Ondanks dat Iran van mening was onbetwistbaar beschikkingsrecht te hebben het kernenergie-programma voort te zetten, koos Iran ervoor met het westen in gesprek te gaan en te onderhandelen om de dubbelzinnigheid over de situatie op te heffen en een win-win resultaat te bereiken. Na twaalf jaar van intensieve gesprekken en diplomatieke inspanningen werd een actieplan – Joint Comprehensive Plan of Action (JCPOA) – geboren als één de meest succesvolle prestaties in de geschiedenis van de diplomatie, dat werd onderschreven door de VN-Veiligheidsraad resolutie 2231.

Terwijl Iran haar verplichtingen aan de Joint Comprehensive Plan of Action correct en volledig heeft nageleefd en twaalf keer werd goedgekeurd gezien de verslagen van het International Atomic Energy Agency (IAEA), besloot de Amerikaanse president eenzijdig de JCPOA te herroepen en opnieuw Iran (illegaal) sancties op te leggen.

In plaats van dat Iran voor vergelding had kunnen kiezen en terug te gaan naar de situatie van vóór de overeenkomst, kondigde Iran aan de JCPOA-verplichtingen en verantwoordelijkheden na te blijven leven als de andere JCPOA-leden daar ook naar zouden handelen.

Iran nam haar verantwoordelijkheid en in overeenstemming met haar rechten en plichten diende ze een rechtszaak in tegen de Verenigde Staten bij het internationale Hof van Justitie voor schending van het Vriendschapsverdrag van 1955, aangezien de Amerikaanse president koos voor het belemmeren van economische betrekkingen die voortvloeien uit de maatregelen aangekondigd op 8 mei 2018 om de vrije uitvoer naar het grondgebied van de Islamitische Republiek Iran van geneesmiddelen en medische hulpmiddelen, levensmiddelen en agrarische grondstoffen en onderdelen, apparatuur en aanverwante diensten die nodig zijn voor de veiligheid van de Iraanse civiele luchtvaart.

De beslissing van het Hof, unaniem aangenomen door rechters, alsook door de Amerikaanse rechter, is een duidelijke aanwijzing dat de Amerikaanse sancties tegen het Iraanse volk onrechtmatig zijn en dat de rechtszaak van de Islamitische Republiek Iran tegen de sancties gegrond zijn.

De brutale reactie van de Amerikaanse president, evenals zijn terugtrekking van UNESCO, de Raad voor de Mensenrechten, het Parijs-akkoord, NAFTA, Trans-Pacific Partnership en de JCPOA, opnieuw aantoont dat hij uit is op beëindiging van het Vriendschapsverdrag van 1955, hoewel dit geen effect zal hebben op de handhaving van de rechterlijke beslissing. Sterker nog, het is op zichzelf een schending van paragraaf 3 van de hoforde waarin de partijen gevraagd worden zich te onthouden van iedere actie die een situatie of geschil kan laten escaleren.

De beslissing van de rechter is bindend voor alle landen. Iran spoort de westerse landen, behalve de VS, aan om alle beperkingen in relatie tot specifiek deze gerechtelijk bevelen, op te heffen en weigeren samen te werken met de VS in het onrechtmatig opleggen van unilaterale sancties.

Het opschorten van de rechtstreekse vluchten naar Iran en de weigering om brandstof te leveren aan Iran’s nationale vliegtuigen moeten dringend herzien en gewijzigd worden door Europa. De Europese Unie wordt verondersteld praktische maatregelen te nemen om te voldoen aan haar verplichtingen voor het behoud van diplomatie, multilateralisme en de rechtsstaat. De EU zou het vacuüm van afzijdigheid, gecreëerd door de Amerikaanse regering, moeten opvullen volgens de regels van de wet.

Dr. Alireza Jahangiri is ambassadeur van de Islamitische Republiek Iran in Nederland.

© de Moslimkrant.nl, alle rechten voorbehouden.