de Moslimkrant
windt er geen hoofddoekjes om

Anoniem in de perfecte verzorgingsstaat

In Nederlands grootste ouderenrevalidatiecentrum in Vlaardingen ben ik op zoek naar Maryam. Hier kennen ze haar als Betty, de naam die haar moeder haar gaf. In haar familie- en vriendenkring kent nu niemand haar onder die naam.Voor ons is zij gewoon Maryam, zoals de Bijbelse Mariain de heilige Koran wordt genoemd en geëerd.

Zo’n twintig jaar terug kreeg Maryam haar naam van een spirituele meester uit de oude stad Konya in Turkije. De dansende derwisjen van deze soefie-sjeik zijn door hun optredens, ook jaarlijks in Nederland, wereldberoemd. Een kleine groep bewonderaars weet dat ze geïnspireerd zijn door Rumi, de Perzische dichter uit de 13e eeuw die zijn toevlucht zocht in Konya en omarmd werd door de bewoners.

Freudiaans geneuzel
Maryam, beeldende kunstenares, lerares en alleenstaande moeder van twee zonen, had van kinds af aan het verlangen te wervelen. Het gaf haar troost, in een gezin dat getekend was door oorlog en armoede. Ze vond heling in het wervelen na de scheiding van haar hippie go happy ex-man. Pas ruim over haar veertigste, na wat groepstherapieën en Freudiaans geneuzel, ontdekte ze de wervelende derwisjen, hun traditie die geworteld is in de mystieke tak van de islam en de eenwording met het universum voorbij het egoïsme. Maryam had haar eigen authentieke woorden om wat ze had geleerd in Konya door te geven aan haar leerlingen: met beide benen stevig op de grond, de rechterhandpalm grijpt naar de hemel en het oor te luisteren leggen aan de geheimen van het hart.

Ze was de enige vrouwelijke leerling van haar sjeik in Konya. Hij zegende haar in de Rumi soefi-orde waarna ze de leer kon doorgeven, bijna twintig jaar lang in heel Europa. Een aantal jaren heb ik haar als leerling vervoerd en vergezeld bij haar workshops. Ik droeg voor uit werk van haar inspiratiebron, Rumi.

Wonderbaarlijk chagrijn
De wervelende Maryam is, in rolstoel, na een heupoperatie in een revalidatiecentrum beland. Ik neem mijn jongste dochter Lara mee om haar blij te maken. Ze heeft spontaan een sinterklaasmutsje opgezet en zo komen we zingend het centrum binnen, net cliniclowns. Maar Maryam is niet op te vrolijken. Ronduit chagrijnig wijst ze naar het betonnen uitzicht en moppert over de doodse stilte van het oord.

Het is wonderbaarlijk hoeveel chagrijn je in zo’n rijk en goed geregeld land kan treffen. De ongeduldige, gespannen gezichten die je in goedgevulde supermarkten tegenkomt, tref je ook in de opiniepeilingen deze dagen. De partij van wrok en haat van Wilders is in de peilingen even groot als de twee regerende partijen samen.

Begrip opbrengen voor het chagrijn van de onbekende massa vind ik moeilijk. Maar over Maryams gemoedstoestand kan ik niet onverschillig zijn. Alles is goed geregeld in het revalidatiecentrum. Familie en vrienden hoeven de deur niet plat te lopen om huisgemaakte eten te brengen of om haar te helpen douchen. De zorgtaken liggen op de schouders van professionals, maar de bezieling is weg. Hier kent niemand het verhaal van Maryam. Achter de deur van kamer 34 ligt gewoon een oude vrouw net als alle anderen.

Dat is de paradox van de verzorgingsstaat. Perfect georganiseerd en mede daardoor wordt niemand gezien, erkend noch herkend in zijn of haar bijzondere verhaal.

© de Moslimkrant.nl, alle rechten voorbehouden.