de Moslimkrant
windt er geen hoofddoekjes om

Gedeelde geschiedenis schept interculturele ruimte

Giovanni van Bronckhorst is een Nederlands voormalig voetballer en huidig hoofdtrainer van Feyenoord.

Aziaten, wat voor plaats hebben zij in ons cultureel archief? In de met ras verbonden discussie in Nederland spelen ze nauwelijks een rol. Toch lag het zwaartepunt van het Nederlandse wereldrijk in Azië. Niet alleen Nederlands Oost-Indië en Nieuw-Guinea, maar ook Ceylon, Malakka en delen van India, die later bij het Britse wereldrijk werden ingelijfd. En de handelsposten in Japan en China, die een en ander betekenden voor ons beeld van Azië. Bovendien waren slavernij en slavenhandel in de Oost omvangrijker dan in de West. Maar er is een groot verschil.

In Suriname en op de Antillen heeft het kolonialisme een eigen samenleving geschapen, onder marginalisering van de oorspronkelijke bevolking. Op de eilanden van de Indische archipel bestonden al oude samenlevingen, waarop de kolonisator een eigen witte heersende klasse heeft geplant. Oude heersers werden in dit systeem ingekocht. Zij hielden slaven, zoals de VOC en haar personeel ook slaven hielden. In de gebieden onder direct bestuur werd de slavernij in 1859 afgeschaft. Maar het Nederlands-Indische slavernijverleden heeft in Nederland geen nazaten, geen ervaringsdeskundige woordvoerders nagelaten. Er was en is ook geen kleurverschil tussen de bewoners van Indonesië die van slaven afstammen en diegenen die van vrijen afstammen.

Letterlijk noch figuurlijk ziet het Aziatische deel van ons cultureel archief er zwart-wit uit. Het levende deel van het archief, om het oneerbiedig te zeggen, is zeer gemengd. Indo’s naast witte oud-kolonialen, Molukkers met hun eigen pijnlijke historie, Papoea’s dito, Chinezen die langs heel verschillende routes in Nederland zijn gekomen. Zij staan voor veel meer dan tempo doeloe en chinees porselein.

Uit mijn jeugd herinner ik me de eerbiedige verwijzing naar oude culturen. Deze gold niet alleen China, maar ook Java en Bali. Daar hoorden beelden van tempels en klederdracht bij, tekeningen en muziek. Er werd misschien op sommige Aziaten neergekeken, maar opgekeken tegen andere werd er zeker ook. En overigens klitten in mijn hoofd nog twee lachwekkende memen: die van de ‘sluwe Javaan’ en de ‘zachtmoedige Sumatraan.’ De hemel weet hoe die daar terecht zijn gekomen.

Hoe dan ook, het cultureel archief is raciaal noch cultureel eenduidig. En datzelfde geldt dus ook voor de aard van de koloniale erfenis en hoe we daarmee omgaan.

De opname van Indische Nederlanders na hun repatriëring in Nederland geldt als een voorbeeld van geslaagde integratie. Wie daarentegen Marion Bloem leest (Geen gewoon Indisch meisje), die in haar jonge jaren veeleer als exoot werd bekeken, ziet dat de werkelijkheid wat minder harmonieus was. En ook rond de eeuwwisseling kwamen er wel klachten van Indische Nederlanders dat zij ineens weer als ‘allochtoon’ werden bekeken.

Toch is het vandaag de dag abnormaal om hen als een aparte etnische groep te beschouwen. Stel bijvoorbeeld dat het erg slecht gaat met Feyenoord-1. Het is moeilijk voorstelbaar dat iemand, ware het zelfs de grofste hooligan, daarom Giovanni van Bronckhorst zijn Indische afkomst voor de voeten zou werpen. En dat niet alleen omdat Gio de sympathiekste coach van het betaald voetbal is. Nee, omdat de meeste mensen niet zouden snappen waarover die hooligan het had. Het kan dus wel, geruisloze opname in een paar generaties.

Het voorbeeld van de Indische Nederlanders wijst op het belang van een gezamenlijke historie, die door lotsverbondenheid verschillen overstijgt. Mijn vermoeden is dat dit ook geldt voor het Chinese volksdeel. Chinezen die via de Indische of Surinaamse route in Nederland zijn gekomen hebben relatief de meeste aansluiting met andere delen van de Nederlandse samenleving.

Deelnemen aan elkaars geschiedenis zou weleens de belangrijkste tegenkracht tegen racisme kunnen zijn. Gedeelde geschiedenis schept interculturele ruimte. En het overstijgen van cultuurgrenzen maakt kleurverschillen tot klein bier.

Herman Meijer was van 2003 tot medio 2006 voorzitter van het landelijk bestuur van GroenLinks. Van 1990 tot 2002 was hij gemeenteraadslid en wethouder te Rotterdam. In zijn portefeuille zat onder meer stads- en sociale vernieuwing, dak- en thuislozenbeleid, monumenten- en architectuurbeleid, allochtonen-, grote steden- en moskeebeleid. Hij schrijft voor Hollanda.nu en de Moslimkrant. Het eerste deel over racismedebat is ook te lezen op https://www.levedegrotestad.nl

© de Moslimkrant.nl, alle rechten voorbehouden.