de Moslimkrant
windt er geen hoofddoekjes om

Tijd voor een ondiplomatiek missie naar Saoedi Arabië?

Ver-van-ons-bed is verleden tijd. Hopelijk daagt dat inzicht, nu de jihad thuiskomt. In deze geglobaliseerde tijden bepaalt de westerse buitenlandpolitiek nu ook onze eigen leefwereld. Tijd voor grondige zelfreflectie.

Sommigen doen hun uiterste best om te beklemtonen dat gewapend jihadisme volgens hen alleen te maken heeft met ‘de islam’ of met banditisme, met discriminatie, of met een identiteitscrisis. En ja, die elementen hebben er wellicht allemaal iets mee te maken. Maar dat is onze westerse kijk op de zaken, hoe graag we het tegenovergestelde ook willen geloven: die doet er even niet toe.

Want hoe beleven de Europese jihadi’s zelf hun strijd? Dàt telt. De grote meerderheid van hen is vervuld van woede tegen onze politie (kijk maar naar Verviers), onze samenleving en onze waarden. Ze kiezen heel bewust voor het anti-Westen: een extreme, gesloten interpretatie van de islam, zonder enige vorm van moderniteit. Een totaal wereldbeeld waarin er geen sprake is van scheiding tussen godsdienst en staat, en waar de (religieuze) wet gedicteerd wordt door de imam. In die wereld is geen plaats voor context.

Zo kan ik nog wel even doorgaan. Maar klinkt het bekend? Jihadisme en salafisme horen in hetzelfde rijtje thuis als wahabisme, de officiële leer in Saoedi-Arabië. Wil dat zeggen dat er een rechtstreeks verband is? Uiteraard niet. Maar het religieuze universum loopt wel parallel.

Toen bij de stichting van Saoedi-Arabië in 1932 de territoria van rivaliserende stammen verenigd werden in één woestijnstaat, sloot Ibn Saud, de vader van de nu overleden koning Abdullah bin Abdul Aziz, een verbond met de extreem conservatieve wahabitische geestelijkheid. Hij mocht regeren (en de onmetelijke opbrengst van de later ontdekte oliebronnen opstrijken), terwijl zij, de religieuze autoriteit, de rest van het dagelijkse leven mochten bepalen. Een heilig pact, zo u wil.

Diezelfde extreem conservatieve religieuze politiek van Saoedi-Arabië stuwt ook hun buitenlandse politiek, die kristalliseert in financiële steun voor en het verspreiden van de soennitische islam overal ter wereld. Ik heb de moskeeën als paddenstoelen uit de grond zien rijzen in Somalië, Mali en zo veel andere plaatsen. En met al die moskeeën en hun fundamenten van oliegeld reist ook het wahabisme mee – zeg maar de radicale islam. Als je dat weet, wat dan te denken van de opkomst van de terreurbeweging Al-Shabaab in Somalië? Van de extremisten in Mali? Wat te denken van de Taliban in Pakistan en Afghanistan?

Ik heb ze bezocht, die madrassa’s in het grensgebied van Peshawar in Pakistan, koranscholen waar de radicale strijders van morgen gekweekt worden “Taliban” betekent dan ook “studenten”. Van jongs af aan leren ze daar een heilig boek opdreunen dat de meesten niet eens verstaan; in die streek spreken ze immers geen Arabisch. Wie bekostigt nu al tientallen jaren lang dit uitgebreide netwerk van deobandi/wahabi-scholen? Juist: Saoedi-Arabië.

Laten we het even hebben over de jihad in Afghanistan. Toen, in de jaren tachtig van Reagan, waren de jihadi’s nog “de goeien” en knapten ze het vuile werk op van de CIA tegen de Sovjet-invasie in Kaboel. Het was de tijd van de geheime internationale operaties, een tijd toen Saoedische prinsen met sleutelfuncties in de veiligheidsdiensten en de buitenlandse politiek de moujahedeen, de religieuze opstandelingen, financierden.

Ze maakten van de strijd van die moujahedeen een internationale strijd. De jihad.

Van die Saoedische jihadi’s zou er één wel heel berucht worden: Osama Bin Laden. Door wie werd hij gesteund? Door wie werd hij betaald? En met wie was hij bevriend?

In elk geval zorgde hij voor een ommekeer in de internationale politiek. 9/11 veranderde alle regels. Volgens de ideologie van Al-Qaida moest de jihad niet alleen lokaal gevoerd worden, maar ook in het hart van Satan zelf: het Westen. We zijn het daarna gemakshalve snel vergeten, maar de meeste vliegtuigkapers tijdens die enorme terreuraanslag waren… inderdaad, Saoedi’s. Uiteraard hadden ze geen officiële steun gekregen, maar uit welke geestelijke kweekvijver zouden ze gekomen zijn?

Na 9/11 volgde de war on terror. Niet dat die heel succesvol lijkt te verlopen. Osama mag dan wel tien jaar na die bewuste septemberdag gedood zijn, hij beschikte slechts over enkele honderden strijders in primitieve trainingskampen in het Afghaanse Jalalabad. Luttele jaren later veroveren tienduizenden jihadstrijders stormenderhand het Midden-Oosten. Terwijl miljoenen mensen halsoverkop op de vlucht slaan – het hoogste aantal sinds de Tweede Wereldoorlog – is de helft van de landen in de regio in oorlog, of in (al dan niet gevorderde) staat van ontbinding.

De grenzen die getrokken zijn na de kolonisatie, verdampen in snel tempo. Nog nooit heb ik dit deel van de wereld zo instabiel gezien als vandaag, en in de hele regio blijven milities en veiligheidsdiensten verder voor stokebrand spelen.

Al een paar decennia lang worden we meegesleurd in oorlog na oorlog, van Mali over Somalië tot Libië, Afghanistan en Irak, en dat tegen een hoge prijs. Dat is nu eenmaal buitenlands beleid, defensiebeleid. Maar wat met de voedingsbodem van al die oorlogen? En dan heb ik het niet over Molenbeek of Vilvoorde, maar over het Arabische schiereiland.

En zo komen we terug bij het koningshuis van Saoed. We sturen handelsdelegaties met hoge begeleiding. We leveren wapens die daarna ingezet kunnen worden tegen burgeropstanden in de Golfstaten. Toen enkele jaren geleden in Bahrein een sjiitische burgeropstand begon, reden al snel Saoedische pantservoertuigen te hulp. En wie heeft die pantservoertuigen geleverd? Juist: België.

De buitenlandse politiek van Saoedi-Arabië staat in het teken van de strijd om suprematie in de moslimwereld, de strijd tussen soennieten en sjiieten. Of kortweg: tussen Saoedi-Arabië en Iran. En ja, die strijd wordt uitgevochten in Syrië, in een war by proxy, zoals dat heet. Daar wordt president Assad gesteund door de ayatollahs van Teheran, terwijl de soennitische opstandelingen Saoedi-Arabië aan hun zijde hebben. En een deel van die soennitische opstandelingen zijn nu het Nusra-front, ook wel bekend als Al-Qaida in Syrië.

Tiens, Al-Qaida. Stonden die niet op de terreurlijst?
Maar goed, de steun was nooit officieel. Zo werkt die schimmige internationale politiek. Delen van de soennitische opstand in Syrië en Irak zouden uiteindelijk vervellen tot het volgroeide monster IS, met een heus kalifaat. Een kalifaat, daar dromen veel rechtgeaarde, extreem rijke sjeiks van… maar misschien niet van al die barbarij die ermee gepaard gaat. Al gebeuren onthoofdingen, stenigingen en afhakken van handen volgens de sharia ook gewoon op het centrale Dira-plein in de Saoedische hoofdstad Riad. Cynici hebben het over chop-chop square.

Internationale politiek is altijd machtspolitiek, maar in Saoedi-Arabië is het ook religieus gefundeerde politiek. Nu we niet alleen meer meegesleurd worden in de oorlogen die daar het gevolg van zijn, maar ook onze eigen jongeren in dat radicaliserende religieuze moeras worden gezogen, moeten we daarmee rekening beginnen houden in onze eigen buitenlandpolitiek. Of is de zoveelste handelsdelegatie volgend jaar belangrijker dan de oorlogen van het volgende decennium? Ja, natuurlijk zijn we allemaal afhankelijk van de olieprijs die de conservatieve koning van Saoedi-Arabië bepaalt met een draai aan de kraan. Die olie is van levensbelang voor onze economie, en de crisis is toch zo al erg genoeg. Maar binnenlandse veiligheid heeft toch ook z’n prijs?

Houden we rekening met dat oliegeld dat radicaal onderwijs ondersteunt, of imams betaalt met extreme opvattingen die niet aangepast zijn aan onze wereld en onze waarden? De overleden koning Abdullah heette een hervormer te zijn, maar in de buitenlandse religieuze expansiepolitiek valt daar toch weinig van te merken. Wat zal zijn opvolger doen? Eerst het vuur helpen aansteken en dan mee de bluswerken betalen, zoals momenteel met de bommencampagne op IS in Syrië en Irak?

En dan lees je op het internet hoe onze jongeren die naar daar vertrekken boos zijn omwille van het onrecht in de wereld, de slachtpartijen en de hypocrisie. Die woede kunnen ze kwijt in hun jihad voor het kalifaat. Ze zijn niet langer kansarmen of criminelen of mislukkelingen, maar worden er vrijheidsstrijders voor hun geloof. Een duidelijke en heldere identiteit. We kunnen het er misschien niet mee eens zijn, maar we moeten er rekening mee houden. Het is hun realiteit. Meer zelfs: het is nu ook deels dé werkelijkheid.

Kan iemand die het nieuws een beetje volgt met de hand op het hart zeggen dat er niets mis is met de westerse buitenlandpolitiek in de moslimwereld? Al vijftien jaar lang lees ik zowat overal het verwijt dat we bezig zijn aan een nieuwe kruistocht tegen de moslimwereld. Absurd misschien, maar alweer: dat is hun perceptie van de realiteit. Veruit de meeste slachtoffers die je op televisie en op de sociale media te zien krijgt, zijn moslims. Alleen al op de dag van de terreuractie bij Charlie Hebdo vielen er honderden doden van Somalië over Nigeria tot Irak en Syrië.

En dan hebben we het nog niet eens gehad over de Israëlische bezetting van Palestijns gebied, die eeuwige etterbuil van conflict en frustratie. Het voortdurende geschipper in dat zogenaamde vredesproces, het onvermogen van de internationale gemeenschap om al was het maar een van de vele VN-resoluties te laten naleven: het is voor veel moslims telkens weer het bewijs van het onrecht dat de internationale politiek beheerst. Het jammerlijke tweejaarlijkse ritueel van bommen op Gaza, het beeld van dode kinderen die van onder het puin naar boven worden gehaald. Het zijn krachtige beelden die telkens weer de woede van onze potentiële jihadstrijders in het Westen voeden. En wat lezen ze dan op het internet? Steeds weer diezelfde holle retoriek tijdens de zoveelste diplomatieke trip naar de regio.

We discussiëren graag over de vraag of de terreur van de jihadi’s geïnspireerd is door de islam. Soms lijkt het me wel een debat over het geslacht der engelen.

Misschien moeten we ook eens beginnen nadenken over hoe waardenvrij onze westerse buitenlandse politiek is die de wereld bepaalt. Alles heeft een kostprijs, ook voor ons.

Dus nee, de volgende handelsreis van Buitenlandse Zaken naar Saoedi-Arabië gaat niet alleen over geld verdienen. Ze gaat ook over mensenrechten, over onthoofdingen, over een blogger die veroordeeld is tot 1000 zweepslagen, en vooral over de export en financiering van de radicale islam van Timboektoe tot Peshawar, en over de steun aan extreme groepen.

Niet alleen de jihad is thuis gekomen, ook de buitenlandse politiek.

Rudi Vranckx is een Vlaams journalist die werkt voor het VRT Nieuws. Hij houdt zich vooral bezig met internationale conflicten Irak, Libanon, Israël, Palestina, Syrië. Dit artikel verscheen eerder in CHECK-POINT.BE

© de Moslimkrant.nl, alle rechten voorbehouden.